*(Voor 20 à 25 bollen)*
**Ingrediënten:**
– 500 g tarwebloem
– 35 g gist
– 25 g suiker
– 1 flinke theelepel zout
– ½ l lauwe melk
– 200 à 300 g krenten, rozijnen en sukade
– Wat geraspte citroenschil
– Frituurpan met Delftsche Slaolie
**Bereiding:**
1. Maak in een kom de gist aan met wat van de lauwe melk.
2. Voeg er de bloem met de rest van de melk en het zout en de suiker aan toe en klop alles te zamen tot een glad beslag.
3. Roer hierdoor de in lauw water gewassen en goed uitgelekte krenten en rozijnen. De sukade en de geraspte citroenschil ook door het beslag roeren en dit gedurende een uur op een lauw plekje laten rijzen.
4. Verhit de Delftsche Slaolie in de frituurpan (niet dampend) en doop er twee lepels even in; neem hiermee dan wat van het beslag. Vorm er een balletje van en laat dit in de olie glijden.
5. Bak de bollen goed gaar in 5 tot 6 minuten. Laat ze uitlekken en bestrooi ze met poedersuiker.
> 💡 *Tip:* De oliebollen worden lichter en croquanter als men ze langs de wand van de pan langzaam in de olie laat glijden en ze — op het oogenblik dat ze half ondergedompeld zijn — aan de bovenkant met een lepel iets plat drukt.